Reis Uzbekistan en Kyrgyzstan 2026

30 & 31 Mei 2026: Leuven via Istanbul en Urgench naar Khiva en bezoek Khiva

Het lijkt erop dan mijn snotverkoudheid na bijna 2 weken net op tijd de strijdbijl begraven heeft. Gertrude lijkt minder geluk te hebben. Een tweetal weken geleden stond ze op met pijn in haar been. Een eerste dokter dacht dat wat Voltaren gel de oplossing zou brengen. Niet dus en dan maar naar een tweede dokter. Die dacht dat het om een peesontsteking ging en dat Celecoxib tabletjes de oplossing zouden zijn. Niet dus. Dan maar een derde dokter erbij gehaald. Die bevestigde min of meer de peesontsteking diagnose en schreef Lyrica, Zaldiar en kinesie voor. Er wordt besloten de Lyrica en kinesie een kans te geven en de Zaldiar, als supersub, op de bank te houden. Hopelijk brengt dit, samen met zo nu en dan, indien nodig, een Dafalganneke, voldoende soelaas om de reis comfortabel te laten verlopen. We hopen op het beste.


Voor zover de inleiding, nu de reis zelf. Eerst en vooral moet gezegd worden dat onze bus -; trein –; vlieg - en autoreis vlot verlopen is ondanks het feit dat de vlucht uit Brussel richting Istanbul met een half uur vertraging vertrok terwijl we in Istanbul maar goed anderhalfuur tijd hadden en Istanbul een enorme luchthaven is. Onze onrust had echter vooral te maken met een verkeerde inschatting van het vertrekuur vanuit Istanbul richting Urgench. Op de instapkaart stond boarding time wat wij gelezen hadden als vertrektijdstip. Herlezen van de boarding pass gaf ons derhalve plots een extra uur tijd. De vlucht zelf van Istanbul naar Urgench baarde mij wel enige bezorgdheid. De splinternieuwe Airbus bleef, zelfs tot wanneer we al een tijdje opgestegen waren, het typische geluid maken van een bagageluik dat afgesloten wordt. Dit was voor mij de eerste keer in mijn toch uitgebreide vlieghistoriek dat ik dit tegenkwam. Het doemscenario dat het luik het in volle vlucht zou begeven en dat onze valiezen (en wie weet wij zelf ook) in de Caspische zee of het Aral meer zouden verspreid worden bleef toch een beetje in mijn hoofd spoken, zeker toen het geluid terugkwam bij het inzetten van de landing. Enfin, eind goed, al goed en we landden veilig in Urgench, onze eerste bestemming in Uzbekistan


Daar stond de cauffeur ons netjes op te wachten om ons in 40 minuten naar ons hotel in Khiva te brengen. Op de weg was het erg rustig omdat het zondag was en bovendien de afsluiting van 5 opeenvolgende verlofdagen ter ere van het offerfeest. Die mannen pakken verlof hier nog steviger aan dan bij ons. Misschien brengt dit de mensen van Bpost of de NMBS wel op verse ideeen. We hebben nu wel nog meer dan 1 uur vooraleer onze lokale gids komt en we kunnen onze kamer nog niet in want alle kamers zijn volzet. We slagen er toch in ons van de warmste kleren te ontdoen (vooral het kwijtspelen van de compressiekousen en de bergschoenen verhoogt het comfort). Verder brengen we de tijd nuttig door met het kopen van een prepaid SIM kaartje (150000 UZS = Sum = ongeveer 10 €) en met het wisselen aan de hotel receptie van 100 € Op die manier denken we de ergste noden te kunnen lenigen. Later op de dag wisselen we nog eens 300 € in een bank. We voelen ons instant miljonair als we meer dan 4 miljoen UZS in onze pollen krijgen…. En in de pollen is één zaak maar zo’n stapel briefjes in een portefeuille opbergen is een andere zaak


Om 10:00 is de gidse op het appel en lopen we door de ene madrassa naar de volgende minaret en het daaraan verbonden paleis. Het is geen wonder dat Khiva de museum stad genoemd wordt want men loopt letterlijk als in een museum van de ene interessante straat naar de volgende zonder ook maar één plaats met minder geschiedenis of zonder bezienswaardigheid te moeten kruisen. Onze gidse brengt ons allerlei wetenswaardigheden aan. Zo leren we dat minaret van minar komt en dat dit vuurtoren betekent, dat de gevangenissen in Khiva quasi altijd leeg stonden omdat veroordeelden publiekelijk terechtgesteld werden door ze van de hoogste minaret te gooien, dat de Mennonieten naar Khiva kwamen om de oorlog in Europa te ontvluchten vooraleer te integreren of als Amish naar Pensylvanie te trekken, dat woorden als algebra, algoritme, tandoor, naan, enz van het Uzbeeks afgeleid zijn…. Misschien is ze een beetje chauvinistisch?p


Ondertussen is het erg warm geworden (wel geen 45 ° C zoals gisteren maar toch goed in de 30). Bovendien hangt onweer in de lucht en vallen een paar keer dikke druppels uit de lucht. Dit is het excuus dat aangegrepen wordt om een dutje te doen, we hebben namelijk bitter weinig tot niet geslapen vannacht. Na het dutje slenteren we nog wat rond zonder gids, drinken een theetje als volleerde Uzbeken en maken ons klaar om op een dakterras van een welverdiend avondmaal te genieten. Het worden twee erg lekkere lokale specialiteiten (een groene pasta met wat vlees en een gebakken rijst met wat vlees erop). Ondertussen kunnen we een zonsondergang bewonderen. Het wordt problematisch de foto’s van vandaag (op het einde van de reis maal 18) te selecteren. Enfin, dat zien we dan wel. Om de vertering te stimuleren lopen we nog eens om het hoekje om de prachtig verlichte gebouwen te bewonderen.


Conclusie: nu snel het verslag van de zeer mooie eerste dag schrijven en ons opmaken voor een hopelijk even mooie tweede dag.


Slaapwel


PS tot het einde van onze tocht door Uzbekistan (9/6/26) zijn we voor dringende zaken bereikbaar op +998 776045464. Minder dringende zaken zullen we oppikken iedere keer dat we WiFi hebben

Proloog van de reis naar Uzbekistan en Kyrgyzstan

Lectori salutem


Na in 2025 geen “grote reis” gemaakt te hebben (we reisden van Blanden naar Leuven wat ook een soort grote reis was) waren we van plan in 2026 weer met de traditie aan te knopen. Uzbekistan en Kyrgyzstan (= Kirgizie) waren bestemmingen die al zeer lang op onze bucket list stonden. Een paar foto’s van de bouwwerken in Samarkand trokken meer dan 20 jaar geleden eerst de aandacht. Nadien waren er de verhalen van Dries over zijn fietstocht doorheen een aantal “Stannekes”.Ook Ivo was heel veel keren in Uzbekistan, maar dan wel niet als toerist maar voor het werk. Een paar jaar geleden dacht ik eraan Uzbekistan en Kyrgyzstan te combineren met onze reis naar Iran. Dit idee werd afgevoerd omdat Iran op zichzelf al zo groot was. Eind 2025 kwam de bestemming weer op de voorgrond. Een paar vrienden die al in Uzbekistan geweest waren, spraken erg positief over de bestemming en dus werden een aantal reisorganisaties gecontacteerd. De meesten boden in kleine groepen georganiseerde reizen aan maar uiteindelijk werd toch besloten om op individuele basis naar de twee uitverkozen stannekes te trekken. Daar waren een aantal redenen voor, maar uiteindelijk was het vooral Groucho Marx’ argument dat de doorslag gaf (“I refuse to join a club that would have me as a member”). En zo kwamen we (op aanraden van Els) bij Better Places uit. Deze (weerom Nederlandse) reisorganisatie werkt met een lokale specialist waarmee men in contact gebracht wordt en die de reis van de dromen uitwerkt. In ons geval was dat Machmud die vanuit Tashkent aan onze dromen gewerkt heeft. Wij zullen binnenkort zien in welke mate de man erin geslaagd is onze dromen te concretiseren.


Het plan is dat we volgende zaterdag via een tussenlanding in Istanbul naar Urganch (in het Westen van Uzbekistan) vliegen om daar bij het krieken van de dag te landen. Urganch ligt 30 km ten Noordoosten van Khiva (ook Xiva genaamd, een eerste UNESCO beschermde stad op onze tocht door Uzbekistan). Na 2 dagen Khiva zal onze tocht (per auto en per trein) ons verder Oostwaarts over verdere Zijderoute (en UNESCO statuut) steden zoals Bukhara en Samarkand tot in Tashkent brengen. Daar wordt het reisdeel Uzbekistan afgesloten om met het vliegtuig naar de hoofdstad van Kyrgyzstan, Bishkek te trekken. Deze Stan heeft veel minder prachtige gebouwen omdat de Kyrgyzen altijd een volk van nomaden geweest zijn. Wat Kyrgystan mist qua gebouwen zou echter ruimschoots moeten gecompenseerd worden door zijn natuurlijke pracht. Kyrgyzstan wordt dan ook het Zwitserland van Centraal Azie genoemd.


Na een totaal van 18 dagen zal het dan weer tijd zijn om vanuit Bishkek via Istanbul terug naar Brussel te vliegen. Hopelijk zullen we dan kunnen terugblikken op weer een mooie reis met veel mooie ervaringen en herinneringen die de volgende 26 jaar zullen blijven hangen (als Alois A niet toeslaat). We hopen dat deze blog jullie zal toelaten virtueel mee te genieten, eerst met alleen de tekst en daarna met foto’s (omdat foto’s van de camera importeren op een iPad om dan (na comprimeren) via de website van Reis Mee rond te sturen in het verleden te veel gedoe gebleken is). We wensen jullie veel sterkte toe bij het dagelijks doorworstelen van onze schrijvelaarijen.


Tot binnenkort

Epiloog fietstocht in de Elzas (26 aug. tot 2 sept. 2025)

Lectori salutem

Beste lezers,

traditiegetrouw volgt op de blog een laatste aflevering onder de vorm van een epiloog waarin ik probeer een week vol ervaringen samen te vatten in een paar zinnen (en een paar foto’s die ik uit gewichtsoverwegingen niet iedere dag kon posten). Deze keer heeft de epiloog wat langer op zich laten wachten maar beter laat dan nooit, nietwaar?

Hier gaan we dan: cruciaal voor het welslagen van een fietstocht is het weer. De vooruitzichten waren ronduit slecht maar in de realiteit hebben we echter alleen tijdens de eerste fietsdag twee zeer stevige stortvlagen over ons gekregen. Dat klinkt erg, maar er was ook een voordeel aan. We moesten onze kleren alleen maar drogen. Wassen was ondertussen tijdens het fietsen gebeurd.

De tweede dag was naar en in Straatsburg en die dag was nog niet zonnig maar toch al al droog. Misschien was dit al het eerste gevolg van jullie schietgebedjes.

Bevestiging daarvan kregen we de volgende dagen. Het bleef niet alleen droog. Het werd zelfs zonnig voor de rest van de tocht. Dank u uit het diepste van ons collectieve hart voor jullie hulp bij het bekomen van goed weer. Dank u ook voor de morele steun die bij ons kwam via jullie reacties. Die deden deugd en gaven ons de moed door te zetten b.v. met de proeverijen van allerlei lokale (vaste en vloeibare) producten ... zeker als die, zoals de eerste dag, door Karcher gemaakt werden.

Er waren, buiten het weer en de proeverijen, nog een aantal andere factoren die bijdroegen tot het welslagen van onze tocht. Zo was de afwisselende omgeving een plezier voor het oog en de quadriceps. Vooral dag 3, 4 en 5 in de wijngaarden in het voorgeborchte van de Vogezen waren zeer mooi. De eerste en de laatste dag waren minder afwisselend omdat het daar hoofdzakelijk vlak was. Quasi altijd waren de wegen goed berijdbaar en verkeersluw en bovendien bracht het parcours ons na een weekje terug naar Colmar waar onze auto op ons stond te wachten. Deze keer dus geen miserie om de fietsen op de trein ... of niet op de trein te krijgen.

Last but not least, voor het welslagen van een fietstocht is natuurlijk het gezelschap. Ook dat viel reuze goed mee. De samenhorigheid werd geĂŻllustreerd door de afwezigheid van demarrages uit het peloton en door het feit dat er geen waaiers werden getrokken.

Al bij al, een zeer geslaagde tocht die voor herhaling vatbaar is. We beginnen een bestemming voor volgend jaar te zoeken. Alle goede ideeën zijn welkom en kandidaturen voor deelname ook.

Dag 6: van Mulhouse naar Colmar (70 km en 76 hm)

Het is een traditie geworden om rond 8am voor het ontbijt af te spreken. Op die manier zijn we klaar om rond 9am op de fiets te springen. Vandaag lijkt de “scherpte” er wat af. Misschien omdat het al de zesde dag is of misschien omdat het een beetje motregent of misschien beide. In ieder geval, we blijven wat langer dan normaal over koetjes en kalfjes praten. Als we uiteindelijk om 9:15 op onze fietsen springen, is er een wolkendek van allerlei grijstinten (minstens 50) en regent het zeer kleine motjes. Hierdoor is het 5 à 10 °C koeler dan gisteravond (maar dan was het ook een uitzonderlijk mooie zomerse avond).

Na een half uur zijn de kleine motjes verdwenen en komen hier en daar blauwe vlekken de grijze wolken onderbreken. Bij de eerste stop op weg naar Colmar, rond 10:45, in Ottmarsheim, komt de zon zelfs al eens piepen. In Ottmarsheim staat een kerk die dateert van de elfde eeuw. Die werd natuurlijk verschillende keren gerenoveerd of heropgebouwd maar ze blijft erg mooi zowel qua versieringen (fresco’s en glasramen) als qua vorm (octogonaal met galerijen). Om 11: 30 nemen de blauwe stroken lucht resoluut de bovenhand .. in die mate dat een picnic zelfs zou kunnen overwogen worden mochten de bakkers open zijn. De bakkers zijn echter niet open en erger nog we komen zelfs geen enkel terrasje tegen. Daarom besluiten we tot in Neuf Brisach door te rijden. Neuf Brisach is een versterkte stad naar een plan van Vauban dat in 1699, in opdracht van Lodewijk 14de, in gebruik genomen werd. Neuf Brisach is een beetje toeristisch (UNESCO werelderfgoed) en we denken daarom daar wel een restaurant te vinden. Dat plan slaagt en we doen ons nog een laatste maal te goed aan flammkuchen.' Daarna bezoeken we een deel van de Vauban vesting terwijl we onze stalen rossen op de Place des Armées vastgeketend achter laten. Rond 3:15 hebben we genoeg Vauban aan het werk gezien en halen we onze fietsen weer van stal om de laatste 20 km van onze Elzas omzwerving af te leggen.

Donkere wolken zijn ondertussen weer komen opdagen. Rond 15:30 kijken we in de richting van Colmar en zien we de regen met bakken uit de hemel vallen. Hopelijk is alles eruit gevallen tegen het moment dat wij in Colmar aankomen … en zo geschiedt. Daaraan ziet men maar weer eens hoe krachtig jullie gebedjes op de blote knieën zijn en het verschil kunnen maken. Een eitje hier en daar bij een arme klaar zal ook wel zijn impact gehad hebben. Waarvoor onze welgemeende dank.

Gertrude kent de code van de garage nog en dus kunnen we om 16:15 rechtstreeks met fietsen in de garage rijden. Veel meer kunnen we niet doen want de fietsendragers kunnen we nog niet op de auto monteren omdat die anders te lang zou zijn en de vlotte circulatie in de ondergrondse garage zou beletten.

Om 6 uur spreken we af om nog een stapje in de wereld van Colmar te zetten. Dat hebben we na zes dagen in het zadel toch wel verdiend. We wandelen van het hotel naar La Petite Venise waar een rij vakwerkhuizen de rivier Ill afboordt. Daar staan nog veel toeristen foto’s te nemen want dit is een van de bekende plaatsjes van Colmar. We gaan nog een beetje verder en hebben onze aperitief op een gezellig pleintje om daarna in de Maison Rouge voor een laatste avondmaal te gaan. Terwijl we eten krijgt Colmar nog een stevige stortbui te verwerken. Die is echter overgewaaid of uitgebuid op het moment dat we terug naar het hotel stappen. Nog maar een bewijs dat gebedjes helpen of anders weer een voorbeeld van het feit dat men niet mooi moet zijn om geluk te hebben.

Nu is het tijd om de hoofdredacteur aan het werk te laten. De epiloog volgt binnen een week of zo (nadat we terug zijn van Soerenberg).

Het ga jullie (minstens) even goed als ons

Dag 5 Van Kaysersberg naar Mulhouse (79 km en 460 hm)

De wekker staat deze morgen een half uurtje vroeger zodat de blog kan afgewerkt worden. Daar slagen we net voor 8:00 in zodat we tijdig op de afspraak aan de ontbijttafel zijn. Na het ontbijt spannen we de ketting van George’s fiets op zodat we om 8:45 de tocht kunnen aanvatten.

Het is bewolkt en een beetje fris maar we vertrouwen de weersvoorspelling die stelt dat het gradueel gaat beteren. Eerst moeten we het stukje D-weg dat van de Col du Bonhomme komt richting Colmar gaat, nemen. We deden dit stukje gisteren bergop, nu kunnen we naar beneden rijden. Na een paar kilometer gaat onze route de wijngaarden weer in. Die wijngaarden zijn trouwens niet de eerste de beste. Kaefferkopf is namelijk een Grand Cru appellatie in Elzas.Het is trouwens niet alleen de wijn die een Grand Cru is. Ook de helling is een Grand Cru !!!

Na de Kaefferkopf, komen we in Turckheim. Ik heb een rondrit in Turckheim in onze rondrit geĂŻncorporeerd zodat we toch een algemene impressie hebben zonder al te veel tijd te verliezen. Ondertussen is er steeds meer zon waardoor het perfect fietsweer is: fris maar niet koud, droog en weinig wind.

Het volgende stadje is Egisheim. Dat stadje kunnen we niet bezoeken omdat net vandaag een jaarlijks feest binnen de stadsmuren georganiseerd is. We kunnen niet anders dan rond het stadje rijden (wat met een paar honderd meter extra gedaan is). Aan de poort aan de andere kant van het stadje staan 2 reuzen zich op te maken voor hun grote rentree in Egisheim. Dit is voor Anne de perfecte opportuniteit om aan industriële (of noemt men dit artisanale?) spionage te doen. Ze maakt dan ook razendsnel een aantal foto’s vooraleer we ons uit de voeten maken want misschien duikt de Franse evenknie van James Bond wel ergens op!

We komen rond de middag in Roufach aan. We willen daar een broodje kopen want het is perfect picnic weer, maar komen van een kale reis terug. Alle bakkers zijn namelijk op zondag gesloten. Dan maar op zoek naar een terrasje waar we iets kunnen eten. Ook dat is echter niet evident. Ondanks verschillende rondvragen vinden we maar met veel moeite een patisserie waar ze quiches en dergelijke maken. Met een terrasje vinden is ons probleem echter nog niet 100% opgelost. We bestellen 3 quiche lorraines en 1 quiche met spinazie en zalm. Na 5 minuutjes komt de garçon terug om te zeggen dat er geen quiche lorraines meer zijn. Geen probleem, breng dan in de plaats 3 quiches met spinazie en zalm extra. Na 5 min komt de brave borst terug met de boodschap dat er maar 1 quiche met spinazie en zalm meer is. Geen probleem, breng dan 2 quiches met ajuin. Op die manier is iedereen OK voor een eerste ronde maar de quiches zijn zo klein dat er een tweede ronde nodig is. Dat is OK maar er is geen quiche met ajuin meer dus nemen twee leden van het peloton een stuk paté en het andere lid een quiche met tomaat en mozzarella.

Moraal van het verhaal? Waar een wil is, is een weg en genieten van wat men heeft ipv te zeuren over wat men niet heeft.

Met gestilde honger maar geenzins overdaan, rijden we verder naar Ungersheim (pun not intended)

Daar loopt het fout. Op een kruispunt van 5 wegen op de GPS kaart blijkt er 1 in het echt niet (meer) te bestaan en … het is juist deze die we nodig hebben om onze tocht ordentelijk verder te zetten. We nemen de weg die het meest aansluit bij de route die ik voorbereid had, maar we komen in het Ecopark van Ungersheim (Bokrijk à l'Alsacienne) terecht. Uiteindelijk, na veel heen en weer gerij, komen we toch weer op onze GPS track. Waarschijnlijk was de GPS track gebaseerd op de wegen voor de installatie van het Ecopark, enfin, het doet er niet toe we zijn weer op de goede weg.

De wind is ondertussen komen opsteken en blaast vrij stevig vanuit de richting die wij moeten volgen, het verschil tussen wind mee en wind tegen wordt zeer duidelijk. Niet alleen de wind is veranderd, ook de architectuur is gans anders, de typische dorpjes met vakwerkhuisjes zijn verdwenen en de weg is biljartvlak (de Rijn heeft daar goed werk geleverd). Bovendien zijn de wegen veel drukker (zelfs op zondag) dan de rustige wegjes tussen de wijngaarden.

Uiteindelijk komen we in het voorgeborchte van Mulhouse. De fietspaden, oversteekplaatsen e.d. vinden is geen sinecure. Zo belanden we op een parking voor Roma mensen. Daar houden we het snel voor bekeken want een Roma keffer valt Georges aan, gelukkig komt hij er zonder letterlijke en figuurlijke kleerscheuren van af.

5 min na dit voorval kunnen we de binnenplaats van Hotel Berti oprijden. Daar staat een jonge dame met een fles bubbels in de hand. Ik bedank haar bij wijze van grap uitvoerig. Wanneer ze de fles niet open krijgt, probeer ik verder de plezante uit te hangen door haar te vragen of ik kan helpen. Tot mijn grote verbazing zegt ze ja en mag ik de fles dus openen op voorwaarde dat ik ze terug geef. Ze wil duidelijk niet tegenkomen wat Girmay overkwam.

Een frisse pint en een nog frissere douche later gaan we de stad in om iets te eten. We belanden op de Place de l’Union in het restaurant Le Vieux Mulhouse om de inwendige mens te versterken. We starten met een flesje Cremant als aperitief omdat Gertrude zich bereid verklaart mee te doen.. Nu blijkt de serveerster aan haar proefstuk toe te zijn (ze heeft letterlijk nog nooit een fles bubbels ontkurkt). Gelukkig is er een collega die haar helpt bij het openen van de fles en het uitschenken ervan en weer zonder een Girmayke.

We eten lekker en wandelen terug naar het hotel Berti waar een skelet van de blog van vandaag ligt te wachten op verdere afwerking.

Slaapwel

Dag 4: van Itterwiller naar Kaesersberg (41 km en 460 hm)

We spreken om 8:00 uur af voor het ontbijt, Het ontbijt is OK, met alles wat we nodig hebben maar het kan weerom niet tippen aan Osthouse. Het is echter voedzaam en dat we dit vandaag zullen nodig hebben blijkt al snel na ons vertek uit het hotel. De weg gaat iedere keer weer de berg op om daarna weer naar beneden te gaan. Over het weer hoort ge ons niet klagen. Er staat een omfloerst zonnetje en er is quasi geen wind. Zo hebben we het graag. De zichten op de bergen zijn en blijven zeer mooi met de typische dorpjes her en der verspreid tussen de wijngaarden.

Het eerste stadje dat we aandoen is Dambach la Ville. We beperken ons tot het doorfietsen van een eerste versterkte poort om er langs de andere kant van het stadje door een andere versterkte poort weer uit te komen.

Ondertussen hebben we beslist dat het weer goed genoeg is om deze middag weer een picnic te hebben. De broodjes die daarvoor nodig zijn kopen we in Bergheim, een tweede versterkt stadje. We zien wel wanneer we onze broodjes oppeuzelen want nu is het nog wat te vroeg. Het is zelfs nog wat te vroeg wanneer we een van de steile hellingen ten zuiden van Bergheim opgekropen zijn. Het uitzicht is erg mooi maar we hebben ervoor moeten werken. Rond 11:30 komen we in Ribeauvillé aan. Ook hier is het bekende stramien door de eeuwen heen gevolgd. Een versterkte poort als onderbreking in de vestingsmuren, een hoofdstraat met grote vakwerkhuizen waarop zijstraatjes uitgeven met kleinere vakwerkhuizen , allemaal in erg schreeuwerige kleuren. In alle stadjes die we tegengekomen zijn liepen nogal wat toeristen rond maar Ribeauvillé spant toch wel de kroon. Het is ondertussen middag geworden en tijd voor de picnic. Gelukkig zien we een patrouille van de politie waaraan we raad kunnen vragen. Die weten ons te vertellen dat langs de zuidelijke kant van het stadje op de vestingsmuren banken en tafeltjes staan. Bovendien is daar zelfs een openbare WC die netjes gehouden wordt door de gemeente. Een picnic op een bankje onder een linde met zicht op de Rijn vallei lijkt een strak plan.

Na de picnic rijden we naar Riquewihr. Daar is het ook druk maar toch minder dan in Ribeauvillé. Ondertussen blijft de weg op een montagne russe lijken, omhoog en omlaag en opnieuw en opnieuw. En de donkere wolken blijven aan de bergen haperen zonder in onze richting te komen. We vertrouwen het toch niet 100% waardoor we het kasteel van Haut Koenigbourg rechts laten liggen. De eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat de ligging hoog in de bergen ook “afradend” werkt.

Bij één van de volgende afdalingen krijgen we een mooi zicht op Hunawihr, nog een van die vele dorpjes / stadjes.

Het volgende is onze bestemming voor vandaag: Kaesersberg. We checken in het Hotel des Remparts in en verkennen te voet het stadje (zonder naar het kasteel op de bergflank te klimmen. Om één of andere reden verkiezen we een frisse pint. Na die pint / Pinot Gris is het tijd om naar het wijngoed van Jean Dietrich te stappen. Daar hebben we om 5 pm afgesproken met Mr Dietrich. De brave man is erg gul met het uitschenken van het resultaat van zijn arbeid. We krijgen maar liefst 8 staaltjes van zijn wijnen en wat blijkt :de degustatie is opnieuw gratis. De prijslijst is trouwens zeer schappelijk maar geen enkele wijn slaat ons dermate met verbazing dat we geneigd zijn om met de auto terug te keren om een paar flessen te kopen. Voor mij deed de muscat bij Karcher of de cremant bij Faller dat wel.

Na de proeverij is het tijd om ons klaar te maken voor het avond eten bij La Porte Haute waar we snel en goed bediend worden met een lekkere Bordeaux (ondanks het feit dat Mr Dietrich ook het restaurant binnen wandelt).

Nu is het tijd voor het bedje want morgen wacht een lange tocht tot in Mulhouse.

Slaapwel

Dag 3: Straatsburg naar Itterswiller (57 km en 650 hm)

Vandaag staan we voor de etappe met de meeste hoogtemeters. We willen daarom niet te laat vertrekken. Het compromis tussen de vroege vogels die om 7:30 willen ontbijten en de iets minder vroege vogels die om 8:00 willen ontbijten is snel gevonden. Er is weer een ontbijtbuffet voor ons (en de andere gasten van het hotel) klaargezet. Het is allemaal lekker maar kan de vergelijking met gisteren niet doorstaan. Om 8:45 is de inwendige mens voldoende aangesterkt en zijn onze kiezen weer proper genoeg om onze tocht verder te zetten. Er staat een mooi zonnetje waardoor het peloton vol enthousiasme kan vertrekken. In de schaduw is het nog wat frisjes maar in de zon is het heerlijk. Uit Straatsburg vertrekken is zoals bij iedere stad (of zelfs stadje) een uitdaging omdat de aparte fietsstroken niet altijd onmiddellijk in het oog springen. Uiteindelijk komt echter alles voor elkaar en kunnen we echt genieten van de omgeving. Die omgeving is het Canal de Bruche. Het kanaal is niet veel breder dan een grote beek en is nooit bevaarbaar geweest (we komen om de km of zo een sas tegen waardoor varen op dit kanaal uitgesloten is). Op die manier leggen we 25 km in het groen af met enkel hier en daar een andere fietser of loper die de weg met ons deelt.

Aan kilometer 28 verlaten we het kanaal en stevenen we op Molsheim af. De wind laat zich hier goed voelen. Tot vandaag zijn we in noordelijke richting gereden (= met rugwind) maar nu rijden we in westelijke richting waardoor we de wind op kop hebben en dat maakt toch wel een stevig verschil.

Molsheim is een mooi stadje met een typische marktplaats waarrond allerlei neringdoeners hun handel drijven. Eén ervan is een boulanger patissier die ook belegde broodjes verkoopt. We bestellen elk een halve baguette voor een latere picknick. Van Molsheim gaat het naar Rosheim (een paar km verder en weer dezelfde typische vakwerkhuizen). We stallen de stalen rossen en bezoeken de kerk waar een tentoonstelling van schilderijen en keramiek plaats heeft. Beiden zijn mooi maar de prijzen zijn navenant. Na het “kerkbezoek” wandelen we wat verder via een wekelijkse markt. Die houden we gauw voor gezien en zetten de weg richting Obernai verder.

Dat doen we echter niet vooraleer we onze picknick verorberd hebben. Een geschikte plaats hiervoor is een bank onder een perenboom. Onder die perenboom ligt de grond vol afgevallen peren wat me op het idee brengt dat er waarschijnlijk nog niemand is die Newton’s wetten van zwaartekracht met peren heeft uitgetest. Wij zouden dat kunnen doen mocht het niet zijn dat de wolken dreigend donker grijs worden. Daarom beslissen we dat het beter is de weg richting Obernai verder te zetten zonder veel vergelijkende studies tussen de zwaartekracht op appels of op peren.

Rond Obernai wordt de natuur (zoals bewerkt door de mens) nog mooier. Hier zijn we namelijk volop tussen de wijngaarden. Hier en daar zien we al de pluk die gestart is (we vernemen achteraf dat het vooral voor de Crémant is dat de pluk gestart is). Met die mooie natuur komen ook de hellingen. Die kunnen stevig zijn maar gelukkig zijn ze niet al te lang waardoor ik op Eco kan overleven (Gertrude trouwens ook). Een laatste bezienswaardigheid vooraleer we in Itterwiller in ons hotel inchecken is het klooster van Andlau. Dat hebben we echter vrij vlug gezien en we rijden dus nog een paar km verder naar Itterwiller. Om 4 pm zijn we op onze bestemming (Hotel Emmebuckel Faller) en kunnen we op het terras van een frisse pint genieten (anderen bestellen een glas witte wijn of een ijscrème).

Daarna maken we ons op voor een degustatie bij André Faller (ja, inderdaad, het hotel, het restaurant en de wijngaard zijn allemaal één pot nat …. maar zeer lekker nat). We krijgen een degustatie om U tegen te zeggen. Er worden ons niet minder dan 11 wijnen aangeboden (Sylvaner, Auxerrois, 2 Rieslings, Pinot gris, een assemblage van van Riesling en Pinot gris, 2 Gewurztraminer en 3 Crémants) en als ik aangeboden zeg dan bedoel ik ook aangeboden = gratis en met deskundige uitleg van de echtgenote van de wijnboer (= 1 pot nat).

Van de wijnkelder gaan we rechtstreeks naar het restaurant waar we zeer lekker eten onder het nuttigen van een Gigondas (het moet niet altijd Elzas zijn). De avond wordt afgesloten met een stevig dessert. Bij sommige is dit met profiteroles, bij anderen met een stuk taart of crème brûlée maar ik hou het bij een paar stukjes Munsterkaas geflambeerd met een marc van Gewurztraminer.

Dat alles maar om te zeggen dat het een zeer mooie dag geweest is en dat het nu tijd is om naar dromenland te vertrekken.

Slaapwel

Dag 2: van Osthouse naar Strasbourg (27 km volgens plan; 37 km met rondtoeren erbij).

Vandaag is het een zeer korte etappe maar toch willen we vroeg vertrekken omdat we om 10:30 aan het Office de Tourisme moeten zijn om aan te sluiten bij een gegidste wandeling door de wijk La Petite France in het oude centrum van Strasbourg. Het is niet omdat we vandaag weinig km voor de wielen geschoven krijgen dat we een beperkt ontbijt nemen. Wanneer we om 7:30 aan het ontbijt verschijnen staat een fantastisch buffet ons op te wachten. Dit is een van de betere buffetten die we al meegemaakt hebben, niet alleen door de kwantiteit en diversiteit maar ook door de kwaliteit van het aanbod. Natuurlijk mogen we een eitje aan de chef (himself) vragen maar hij heeft ook twee soorten scampi’s, twee soorten zalm, een paté en croute, een zestal soorten lokale kazen, brood en croissants en chocolade broodjes à gogo. Een grote kom vers gesneden vruchten waar men huisgemaakte yoghurt kan bij eten tenzij men er huisgemaakte confituren wil bij doen. Ik ga stoppen want ik heb weinig tijd en jullie hebben het (al een tijdje) door, neem ik aan.

Men zou bijna vergeten dat we weer de fiets op moeten. Het is deze morgen echt wel een beetje van moeten want het ziet ernaar uit dat de regen van gisteravond de hele nacht door gedaan heeft en nog altijd van geen ophouden weet.

Aangezien horum omnium fortissimi Belgae sunt laten we ons niet door een beetje water afschrikken en bestijgen we onze stalen rossen. Wonder boven wonder na een kwartiertje houdt de regen op en kunnen onze kleren die een beetje nat geworden waren weer opdrogen. Ik weet niet waar we dit aan verdiend hebben maar hoogstwaarschijnlijk heeft het te maken met jullie massale blote knieën gebedsstonde en misschien een paar eieren bij een of ander arm Klaartje. In ieder geval hartelijke dank van het hele peloton. Na een paar kilometer bereiken we het kanaal dat de Rijn met de Rhone verbindt. We rijden een 10-tal km langs het jaagpad waardoor we al snel het voorgeborchte van Strasbourg bereiken.

We laveren zo goed en zo kwaad als mogelijk door het verkeer en de smalle straatjes van het oude centrum van Strasbourg. Vooral dat laatste is een uitdaging door de groepen toeristen die in kudde achter het vlaggetje van de gids lopen.

De kuddes die zich gedwee achter de vlaggetjes scharen hebben ons toch wat schrik ingeboezemd. Ten onrechte blijkt wanneer we om 10:30 aan het verzamelpunt met de gids samenkomen. We blijken maar met zijn zessen te zijn (ons peloton en een Frans koppel). De gids valt trouwens ook reuze mee. Ze doorspekt de hele tocht met allerlei wetenswaardigheden en wetenswaardigheidjes. Zo vertelt ze dat haar grootouders in hun leven vier maal van nationaliteit veranderd zijn en dat Gutenberg’s echte naam “Gaensefleisch” was en dat zijn drukkerij “Zum Guten Berg” heette. Wie kan hem ongelijk geven dat hij zijn naam wou veranderen? Ze vertelt ook over een aantal kerken / tempels die zowel door katholieken als door protestanten gebruikt werden / worden. De enen kregen het koor, de anderen het schip. Misschien iets om over na te denken. De gids legt ook uit hoe syphilis voor de naam van de wijk “Petite France” zorgde.

Na de wandeling is het tijd om de inwendige mens te versterken. We doen dit samen met Chantal en Nicholas, het koppel dat de gegidste tocht met ons samen deed. Daarna is het tijd om de voorwielen van onze stalen rossen richting het Europees Parlement te sturen. Dit doen we niet zonder eerst langs de Neustadt te fietsen. Deze wijk werd tijdens een van de Duitse periodes (ts 1880 en de Eerste Wereldoorlog) gebouwd om aan te tonen wat de Kaiser kon bewerkstelligen. Naast de Jugendstil gebouwen zijn het vooral neo iets (romaans, gotisch, renaissance, barok, ….) gebouwen.

Na die omzwerving langs de realisaties van de Kaizer rijden we naar de realisaties van Robert Schuman en de andere stichtende leden van de EGKS als voorloper van de EG. Een enorm aantal (mooie) gebouwen vormt de Europese wijk. We bezoeken het parlement waarbij opvalt hoe streng de beveiliging is (ondanks het feit dat het parlement niet in sessie is), hoe veel mensen ons (vriendelijk) te woord staan omdat ze blijkbaar niets beter te doen hebben, hoeveel glas en inox in deze gebouwen verwerkt is om de schijn te wekken dat alles clean en transparant is en hoe geprobeerd wordt de bezoeker te overtuigen van de Europese gedachte. Het idee achter het Europese project is inderdaad mooi maar de uitvoering laat soms te wensen over. En Straatsburg zelf is daar een bewijs van. Hoeveel energie gaat verloren in de maandelijkse verhuis voor één week?

Na de Europese immersie is het tijd om naar de kathedraal terug te keren. Het oorspronkelijke plan was ons om 3 uur door een gids door de kathedraal te laten leiden maar dat hebben we moeten laten varen door tijdsgebrek. Dus gaan we zonder gids de binnenkant bekijken. Die valt tamelijk tegen, vooral door het relatief sombere karakter van de ruimte.

Anne en Georges willen van hun aanwezigheid in de wijk gebruik maken om nog eens rond te lopen terwijl wij de verleiding om vanop een terrasje de wereld te bekijken niet kunnen weerstaan.

Ondertussen is het al bijna 6pm geworden en dus tijd om ons hotel op te zoeken en ons klaar te maken voor de voorlaatste activiteit van de dag (= het avondmaal). Bij de receptie heeft men ons het restaurant Kuhn aangeraden. Het is amper 200 m van het hotel, ziet er OK uit en zit proppensvol. Veel argumenten dus om voor dit restaurant te kiezen. We hebben er geen spijt van want de bediening zorgt voor een vrolijke noot, het eten is lekker en de prijs is erg schappelijk. Wat moet een mens meer hebben?

Morgen hebben we hopelijk weer een droge dag want we trekken naar de uitlopers van de Vogezen en doen dit liever zonder nattigheid.

Slaapwel