13 juni: van Karakol naar Tamga
We krijgen van de Japanse eigenares van het guesthouse een mooi ontbijt voorgeschoteld. Ik ben er zelfs zonder veel moeite in geslaagd voor Gertrude en mij, elk, één sunny side up te bestellen. Naast de andere gebruikelijke ingrediënten (kaas, yoghurt, charcuterie, enz) liggen er ook kersen op een bordje. Tot nu toe zijn we op veilige afstand van vers fruit gebleven, maar die kersen komen meer dan waarschijnlijk uit de boomgaard aan het terras van het guesthouse. We besluiten dus dat we het erop wagen (en tot op het moment van dit schrijven is alles onder controle). Gertrude pelt ook een stukje heerlijke perzik voor mij (door Gertrude gepeld betekent geen kippenvel voor mij en veilig). Nu zijn we klaar om de weg (westwaarts langs de zuidkant van het meer, voor diegenen die aardrijkskunde nauw aan het hart dragen) aan te vatten.
Het weer is mooi. Er staat een mooi zonnetje tegen een blauwe lucht maar aan de bergen hangen weer witte wolken. Dat is waarschijnlijk te verklaren door de hitte (die er, nu om 9 uur, al nadrukkelijk is, alhoewel niet te vergelijken met Uzbekistan). Voor foto’s à la National Geographic zullen we dus eens ’s winters moeten komen (of het Internet afschuimen)
Waar ook niet naast kan gekeken worden is de staat van de weg. Er wordt hier aan de weg gewerkt maar die werken gebeuren over stroken van 100 km aan één stuk. We rijden, in het beste geval, over aarde met grote keien waarover een pletwals niet lang geleden gereden heeft. In het minder gunstige geval is er alleen een “grater” gepasseerd en misschien zelfs, in het slechtste scenario, al een week of twee geleden. Zo rijden we 180 km in een continue zigzag beweging waarbij Sanjar voortdurend probeert een evenwicht te vinden tussen het ontwijken van putten die overal opduiken en tegenliggers die ook overal opduiken … en die tegenliggers zijn de helft van de tijd mastodonten van vrachtwagens.
Rond de middag nemen we een afslag die het ongetrainde oog niet zou hebben gezien. De weg leidt naar de eerste bezienswaardigheid. De “broken heart” rotsformatie … in de vorm van … een gebroken hart, bestaat uit twee rode rotsen die mooi afsteken tegen de groene bossen errond. Een beetje verder komen we aan de “seven bulls”, een rotsformatie die eruit ziet als … 7 vooruitstekende rotsen. Zoals de broken heart formatie met een legende kwam (vergelijkbaar met Romeo en Juliet), komen de seven bulls ook met een legende maar die bespaar ik jullie. Trouwens de seven bulls zouden er ook eight of nine kunnen zijn afhankelijk van de observator en zijn standpunt.
Om half twee nemen we een tweede anonieme afslag. Deze afslag zal ons naar de Fairy Tale Canyon leiden, maar niet zonder eerst het toegangsticket betaald te hebben. Hiervoor moeten we 100 sum (=1 €) neerdokken! Na één km of zo komen we bij zeer mooie formaties van grof zand van de afbrokkelende rotsen en klei. Hierdoor is het geheel erg gevoelig aan erosie (gelukkig regent het hier niet dikwijls en niet veel want anders zou hier geen toeristische attractie meer zijn) waardoor bijna wekelijks nieuwe vormen ontstaan. Het geheel doet denken aan Bryce Canyon maar daar waren de rotsen meer als pannenkoeken gestapeld, meen ik me te herinneren. Net zoals in Bryce zijn hier alle kleuren van de regenboog vertegenwoordigd. Het bruin van ijzer overheerst maar er is ook geel van zwavel, purper van mangaan (denk ik) en wit van zout. Het is een goede zaak dat we onze bergschoenen aan hebben want schoenen met een weinig uitgesproken profiel geven de dragers van die schoenen bitter weinig grip waardoor menig hi, hoe, ha in de canyon weerklinkt. Ik doe met Sanjar een paar extra lussen naar allerlei panorama punten zodat we uiteindelijk een tweetal uur hier spenderen. Het is echter zeker de moeite.
Tegen kwart voor vier stappen we het restaurant aan de ingang van het park binnen. Wat een geluk dat we gisteren nog een hoop gedroogde abrikozen gekocht hebben, anders waren we nu de hongerdood nabij. In het joert-vormige (maar oversized) restaurant zit een grote groep dames van de Kyrgizische afdeling van de boerinnenbond (de meeste van die dames zijn wel niet joert-vormig maar wel oversized). Ze hebben voor entertainment gezorgd door de Kyrgizische afstammelingen van de familie Trapp uit te nodigen. Vader bespeelt een soort mandoline, blaast op de hoorn van een berggeit, speelt mondharp en stemt de instrumenten van zijn echtgenote en hun nazaten. De echtgenote speelt (zeer virtuoos) mandoline en dat doen de dochter en twee zonen ook. De dochter en zoon zingen en dansen trouwens ook nog en de jongste zoon drumt. De allerjongste is nog maar een jaar of twee en wacht geduldig zijn beurt af. Enfin, het is duidelijk dat vader Trapp een veelheid van instrumenten weet te bespelen. Een aantal daarvan heeft hij nog niet op het podium bespeeld. We hebben dus veel geluk dat we deze show gratis hebben kunnen meepikken. Toch kunnen we het restaurant niet verlaten zonder eerst onze drie lunches betaald te hebben. Het kost onze bruinen een slordige 1305 sum (=13€).
Het is nu nog een tiental minuten zigzaggen vooraleer we aan ons joert-kamp, waar we zullen overnachten, aankomen. Het joertkamp bestaat uit een veertigtal plaatsen, elk bestaande uit anderhalve joert (= één voor het slaapgedeelte en één halve voor het sanitair) en is pas een paar maanden geleden in dienst genomen. Wat onmiddellijk opvalt is hoe goed het personeel getraind is. Zowel qua vriendelijkheid als qua kennis van het Engels. Zowel de receptioniste, als de man die de valiezen helpt dragen als de loodgieter die de doucheafloop komt nakijken spreken vloeiend Engels. De joert is duidelijk niet 100% volgens de traditionele plannen en met de traditionele materialen opgetrokken (de nomaden hadden vast geen airconditioning) maar voldoet ruimschoots aan onze vereisten. We zijn niet van plan de A/C te gebruiken omdat het in een joert ’s nachts wel zal afkoelen, denken we. We spelen zelfs met het idee onze terrasdeur open te laten omdat het erop lijkt dat hier maar zeer weinig muggen zitten. Tot nu hebben nog maar drie muggen ontdekt dat ik in hun contreien vertoefde en me dus gestoken had en die steken waren met moeite vervelend te noemen! Misschien wagen we het erop.
Slaapwel
Reacties
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}