Op stap langs de GR129

Dag 4, Dinsdag 17 september: Peillon - Aspremont (21 km; 1000 hoogtemeter)

Vandaag kunnen we maar om 8:30 ontbijten waardoor een (goed) gevoel van zelfgenoegzaamheid zijn intrede doet. Het is immers niet onze schuld dat we wat langer mogen slapen en dus moeten we ons niet schuldig voelen. Ik moet wel zeggen dat het langer slapen niet 100% opgaat voor mij. Ik moet “vroeg” uit de veren om de tijd, die ik gisteren verslapen heb, in te halen.

Na het ontbijt en uitchecken begint onze dag met een bezoek aan Peillon. Het is mooi weer als we rond half tien naar downtown Peillon (50 huisjes op een rots) trekken. Het hele dorp lijkt nog steeds te slapen. Alleen een madammeke van Veolia die de waterkwaliteit zit te controleren en een Chinese familie zijn de levende wezens die we zien. De 5 Chinezen staan op het pleintje voor de kerk en vragen ons “whel all you flom?”. Belgium kennen ze niet maar als wij zeggen dat we zeer dikwijls in China geweest zijn hebben ze waarschijnlijk stof voor gesprekken voor de hele dag. We lopen een paar straatjes in en uit zonder risico verloren te lopen omdat alle huizen samengepakt staan op die ene rots. Navigeren met de GPS is een onbegonnen zaak, omdat de nauwkeurigheid van de GPS minder is dan de breedte van de straten en de gebouwen samen. We komen na een kwartiertje rondlopen tot de conclusie dat het dorpje niet slaapt maar gewoon tot de Bokrijk liga toegetreden is en dat we hier buiten de openingsuren rondlopen. Jammer maar waarschijnlijk onvermijdelijk en dat ondanks de intrinsieke schoonheid van het dorp en de nabijheid van de Cote d’Azur en Monaco (30 km).

Het is ruim 10 uur voor we de eigenlijke wandeling beginnen. De afdaling van Peillon naar Drap heb ik zelf moeten uitstippelen omdat we gisteren de GR verlaten hebben om in Peillon te logeren (de pelgrims die ons voorgingen kwamen niet naar Peillon om eens lekker te eten, kikkererwtenbier te drinken en het stadje (voor het Bokrijk geworden was) te bezoeken). De afdaling is op sommige plaatsen steil en moeilijk door de losliggende stenen maar zeer mooi. We zien Peillon altijd opnieuw vanuit een andere hoek. Uiteindelijk komen we rond de middag in Drap aan. De temperatuur is ondertussen serieus opgelopen. Tot nu toe is het quasi uitsluitend bergaf geweest waardoor het zweten nog min of meer in toom kon gehouden worden. Drap ligt echter aan een riviertje en … riviertjes hebben de gewoonte in een vallei te lopen en … valleien hebben de neiging twee kanten te hebben (één waarlangs men naar beneden komt en één waarlangs men weer naar boven moet. Dit is ook het geval voor de vallei van Drap en nu worden we, na de afdaling deze voormiddag, met de tweede kant (de klim) geconfronteerd. Dit laat zich onmiddellijk voelen aan onze zweetproductie en kleur van onze wangen. We willen echter niet stoppen vooraleer we toch minstens de helft van de totale dag afstand afgelegd hebben en we uit de vallei van Drap geklefferd zijn.

Om 1:30 zijn die twee voorwaarden voldaan en staat er zelfs een bank waarop we ons kunnen neervlijen (alhoewel dit woord misschien net iets te elegant is om te beschrijven hoe we ons laten neerploffen). Grote honger heeft, omwille van de geleverde inspanningen, geen van ons maar we moeten toch iets eten om te vermijden dat we de “man met de hamer” tegenkomen. Van tegenkomen gesproken: deze Via Aurelia is werkelijk erg kalm. Sinds deze morgen zijn we op onze tocht nog niemand tegengekomen. Dit maakt Gertrude wat vermetel bij het uitkiezen van een plekje voor de sanitaire behoeftes. Die vermetelheid wordt door het voorbijrijden van een eenzame mountainbiker afgestraft. Daaraan ziet men maar weer eens dat men altijd omzichtig moet zijn. Het minst verwachte kan ook gebeuren.

Na de pick nick en sanitair intermezzo gaat het steil naar beneden naar Moulines. Net voor we Moulines bereiken wordt Wilfried door een artistieke ingeving getroffen. Hij zou graag een tekening maken van Tourrette Levens (aan de overkant van weer een nieuwe vallei). Dat is voor ons natuurlijk OK en wij besluiten de tijd nuttig te gebruiken door drinkwater te zoeken in Moulines. Ik vraag aan een inboorling die in een auto komt aangereden of er misschien drinkbaar water langs haar openbare wegen te vinden is. Het antwoord is negatief wat het gesprek erg kort houdt. Dan ga ik bij een aantal huizen aanbellen maar daar vang ik ook bot … waarschijnlijk omdat ze me aanzien voor een overjaarse bellekestrekker. Het kan natuurlijk ook zijn dat de bewoners de nobele kunst van de siësta aan het beoefenen zijn en geen enkele behoefte voelen een waterschooier van dienst te zijn. Uiteindelijk passeren we een huis waarvan enkele ramen open staan en van waaruit we stemmen horen. Dit geeft weer wat zelfvertrouwen. Ik bel aan en een dame komt zeer snel het hek openmaken. Ik leg uit dat ik mijn Camelbak zou willen opvullen en ik krijg twee flessen water van elk 1.5 l. De dame ziet er gewoon erg vriendelijk uit maar het zou natuurlijk ook kunnen zijn dat ze iets ernstig op haar kerfstok heeft en een volle aflaat wil verdienen door ons in onze pelgrimstocht te ondersteunen. Edelen in de Middeleeuwen lieten ook dienaars voor hen aflaten verdienen. Enfin het doet er niet toe, we hebben extra water en kunnen met een gerust gemoed verder.

Dat zou voldoende moeten zijn om de vallei van Moulines en Tourrette Levens weer uit te kruipen. Daar stopt het echter niet mee, want we moeten wel nog eens van Tourrette Levens naar beneden in weer een andere vallei gaan om dan weer naar Aspremont te klimmen. Nelly komt ons daar oppikken. De GPS coördinaten van een afspreekpunt in Aspremont werden al vooraf aan Nelly gegeven voor het geval dat we de tocht helemaal tot in Carros niet meer zouden zien zitten. En dat was dan ook het geval. We hadden alle drie zowat onze buik vol van het stappen door berg en dal en telefoneerden onze trouwe bezemwagen dat we de afspreekplaats in Aspremont wilden gebruiken.

Van daar ging het dan met onbekwame spoed (de auto GPS wou niet echt doen wat wij wilden) richting hotel in Carros waar we ons met bekwame spoed toelegden op het consumeren van een paar frisse pinten. Er bestond, tenminste onder ons, geen enkele twijfel dat we dit dik en dubbel verdiend hadden. Ik laat deze blog morgen vroeg nog eens censureren door Gertrude die nu al in dromenland vertoeft en post dan via Reis Mee dit laatste nieuws over onze staptocht.

Groeten

Reacties

Reacties

Els

Die mountainbiker heeft dus wat meer fauna gezien dan gepland.

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!